Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 30

Een andere noodzakelijke vervoersvoorziening

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning

1.. Als er sprake is van dusdanige specifieke omstandigheden dat vervoer per regulier vervoermiddel noch rolstoelgebonden vervoer een mogelijkheid is, dan zullen burgemeester en wethouders in samenspraak met de persoon met beperkingen een passende oplossing zoeken om daarmee te voldoen aan de in de wet neergelegde compensatieplicht. 2.. Burgemeester en wethouders bepalen dat een specifieke, individuele vervoersvoorziening als bedoeld in het eerste lid, bij een inkomen dat gelijk is aan of meer bedraagt dan 1,5 maal het norminkomen, gezien wordt als algemeen gebruikelijk en daarom niet voor vergoeding in aanmerking komt. 3.. Als zich een situatie voordoet als bedoeld in het tweede lid, dan verstrekken burgemeester en wethouders voor een door de persoon met beperkingen zelf aangeschaft vervoermiddel mogelijk de noodzakelijke aanpassingen, waarbij zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de specifieke omstandigheden van de persoon met beperkingen. 4.. Niet tot aanpassingen, als bedoeld in het derde lid, worden gerekend die optionele mogelijkheden die algemeen gebruikelijk zijn en door de fabrikant in opdracht van de persoon met beperkingen en op diens kosten kunnen worden aangebracht.

Rechtspraak bij dit artikel