**1.** Tot de duurzaamheidsmaatregelen worden gerekend:
Installatie voor het terugwinnen van warmte uit ruimteventilatielucht, inclusief het daarbij behorende kanaalwerk en de luchtbehandelingskast, met een energetisch rendement van ten minste 80%;
vraaggestuurd ventilatiesysteem met CO2-of vochtsensoren;
zelfregulerend ventilatierooster;
leidingisolatie;
vloerisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 2,50 m2.K/W;
gevelisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 2,50 m2.K/W;
spouwmuurisolatie met een R-waarde, die groter is dan of gelijk aan 1,3 m2.K/W;
dakisolatie met een R-waarde, die groter is dan 2,50 m2.K/W;
isolerende beglazing met Ugl-waarde die kleiner is dan 1,30 W/ m2.K;
draaiend raam met thermische onderbreking, die samen met de beglazing een Uw waarde (U raam) heeft, die kleiner is dan of gelijk aan 1,70 W/m2.K;
geïsoleerde buitendeur met een U-waarde die kleiner of gelijk is aan 2,0 W/m2.K
zonnepaneel met fotovoltaïsche zonnecellen en de daarbij behorende spanningsomvormer;
zonneboiler voor het verwarmen van tapwater met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmteopslagvat;
combi-zonneboiler voor het verwarmen van tapwater en voor ruimteverwarming met behulp van zonlicht, bestaande uit één of meerdere zonnecollectoren en een warmteopslagvat met een al dan niet geïntegreerde CV-brander;
pelletkachel;
pelletketel;
warmtepomp voor een verwarmingssysteem dat warmte onttrekt van de aarde.
**2.** Het college kan de in het eerste lid vermelde lijst van duurzaamheidsmaatregelen uitbreiden en/of inkorten.
Artikel 5
Duurzaamheidsmaatregelen
Onderdeel van Verordening SVn Duurzaamheidslening gemeente Aalten 2010