Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 Criteria voor het verlagen van de norm of toeslag

Artikel 6.

Verlaging toeslag alleenstaanden van 21 en 22 jaar

Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren

1.. De verlaging bedoeld in artikel 34 van de wet bedraagt: 10 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 21 jaar betreft in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft; 15 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 21 jaar betreft die met één of meer anderen zijn hoofdverblijf heeft in dezelfde woning; 5 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 22 jaar betreft in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft; 10 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 22 jaar betreft die met één of meer anderen zijn hoofdverblijf heeft in dezelfde woning. 2.. In afwijking van lid 1 wordt de verlaging vastgesteld op de hoogte van de op grond van artikel 3 toegekende toeslag, indien deze toeslag minder bedraagt dan de verlaging waartoe toepassing van lid 1 zou leiden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel