Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Gevallen waarin besluiten worden gecoördineerd

Onderdeel van Verordening over het coördineren van besluiten 2009

In de volgende gevallen en onder de volgende condities bevordert het college van burgemeester en wethouders een gecoördineerde voorbereiding van besluiten als bedoeld in artikel 2 en 3: het besluit over een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk die op het moment van indienen alleen op grond van artikel 2.10, eerste lid, sub c Wet algemene bepalingen omgevingsrecht geweigerd zou moeten worden en het besluit over het bestemmingsplan, het uitwerkingsplan of het wijzigingsplan dat de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk mogelijk maakt, maken tenminste deel uit van de te coördineren besluiten en een ander besluit, als dat bij de coördinatie wordt betrokken, is genoemd in artikel 3 en houdt verband met de aanvraag of met het bestemmingsplan als bedoeld onder a en door of namens het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld dat het besluit als bedoeld onder b gecoördineerd kan worden voorbereid en door of namens het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld dat zich geen belemmering als bedoeld in artikel 5 voordoet en de aanvrager heeft zich schriftelijk akkoord verklaard met de gecoördineerde voorbereiding en met de gevolgen die dat voor de aanvrager heeft en de aanvraag bedoeld in lid a betreft een of meer van de volgende activiteiten: het realiseren van een project dat is opgenomen in een structuurvisie; het bouwen of verbeteren van woningen; het realiseren van nutsvoorzieningen; het realiseren van maatschappelijke voorzieningen; het renoveren van bedrijven; het realiseren van infrastructurele werken; het realiseren van een project dat leidt tot verbetering van de luchtkwaliteit, de veiligheid, de geluidssituatie of de CO2-uitstoot.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel