Indien het niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomen van de
inlichtingenplicht, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de
wet, niet heeft geleid tot het ten onrechte toekennen of
uitvoeren van het werkleeraanbod of tot het ten onrechte of tot
een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening, wordt
een maatregel opgelegd van 5 procent van de WIJ-norm,
De duur van de maatregel bedoeld in het eerste lid wordt
vastgesteld op een maand.
In afwijking van het tweede lid kan de hoogte van de maatregel
worden verdubbeld, indien de jongere zich binnen twaalf maanden
na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel wordt
opgelegd opnieuw schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbare aan
te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is
opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien
op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede
lid.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 11
Schending inlichtingenplicht zonder benadeling gemeente
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet Investeren in Jongeren