Berekening van de subsidiebijdrage vindt plaats op basis van de vastgestelde subsidiabele kosten. De subsidiebijdrage bedraagt 50% van de subsidiabele kosten met een maximum van 2% van de WOZ waarde van het in de aanvraag vermelde opstal.
De subsidiabele kosten met betrekking tot de in artikel 3 lid 5 genoemde
voorzieningen worden bepaald aan de hand van beoordeling op noodzakelijkheid, soberheid, doelmatigheid en de bepalingen in de bouw- en monumentenverordening.
Voor zover de kosten van voorzieningen op grond van een verzekering worden gedekt of op andere wijze worden vergoed blijven die kosten voor het bepalen van de subsidiabele onderhoudskosten buiten beschouwing.
De onder 1 of 2 genoemde bijdrage wordt ten hoogste één maal per twee jaar beschikbaar gesteld.
Hoofdstuk 2
Artikel 8
Subsidiabele kosten en subsidiebijdrage
Onderdeel van subsidieverordening gemeentelijke monumenten Oss 2006