Het college kan met inachtneming van artikel 9, tweede lid
van de wet, resp. artikel 37a van de Ioaw en Ioaz, bepalen dat de uitkeringsgerechtigde
tijdelijk, geheel of gedeeltelijk ontheffing wordt verleend van de verplichtingen genoemd in
artikel 5 lid 1 en 2 van deze verordening, op basis van de volgende criteria:
indien op grond van een (door externen uitgevoerd)
medisch onderzoek is vastgesteld dat de
uitkeringsgerechtigde arbeidsongeschikt is;
indien de uitkeringsgerechtigde behoort tot de
personenkring van de Wet sociale
werkvoorziening;
indien de combinatie van zorg en arbeid of de
combinatie van zorg en een voorziening voor een
alleenstaande ouder naar het oordeel van het college
niet mogelijk is;
indien naar verwachting inschakeling in reguliere
arbeid door een combinatie van factoren als
leeftijd, ontbreken werkervaring en zorgtaken,
vooralsnog door het college niet haalbaar wordt
geacht.
Ontheffing van deze verplichting wordt slechts voor een door
het college vast te stellen maximumperiode verleend.
Op basis van een herbeoordeling kan het college besluiten
een ontheffing na afloop van de vastgestelde periode te
verlengen.
HOOFDSTUK 2
Artikel 6
Criteria voor ontheffing
Onderdeel van Reintegratieverordening Wet Werk en Bijstand 2010