Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de maatregel vastgesteld op:
vijf procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de
eerste categorie;
tien procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de
tweede categorie;
twintig procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de
derde categorie;
honderd procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van
de vierde categorie.
Hoofdstuk 2.
Artikel 10.
De hoogte en duur van de maatregel
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand gemeente Ridderkerk 2007