Naar hoofdinhoud

Paragraaf 1:

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2003

1.. Ambtelijke bijstand wordt verleend tenzij: het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad; dit het belang van de gemeente kan schaden; het raadslid in absolute of in relatieve zin (in vergelijking met de verzoeken van andere raadsleden) reeds een onevenwichtig groot beroep heeft gedaan op ambtelijke capaciteit en het bijstand betreft zoals bedoeld in artikel 1, vierde lid. 2.. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het eerste lid geweigerd wordt. 3.. Als de bijstand op grond van het eerste lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel