Van de blijvend te bewaren digitale documenten moeten, naast de in artikel 10 eerste lid genoemde gegevens, ook de volgende gegevens worden vastgelegd en bewaard:
Benaming en versienummer van de toepassingsprogrammatuur waarmee de documenten zijn ontvangen en opgemaakt;
Beschrijving van het platform, met naam en versie van de besturingsprogrammatuur en naam en type van de apparatuur;
De documentatie over de werking en versies van de toepassingsprogrammatuur;
Beschrijving van de opgeslagen bestanden, waarin o.a. benaming, omvang, opslagformaat, relaties met andere bestanden.