**1..** Een aanvraag om vergoeding van planschade wordt bij het college ingediend en dient ten minste te bevatten:
de naam en het adres van de aanvrager;
de dagtekening;
een aanduiding van het besluit dat volgens aanvrager oorzaak is van de schade;
bij gestelde waardevermindering van eigendom, de reden waarom men meent, dat er sprake is van waardevermindering en de datum waarop aanvrager eigendom van de onroerende zaak of een ander zakelijk recht daarop heeft verworven.
**2..** Het college tekent de datum van ontvangst van de aanvraag als bedoeld in het eerste lid onverwijld aan op de aanvraag. De ontvangst wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk medegedeeld aan aanvrager. Van de aanvraag wordt een afschrift toegezonden aan een eventuele derde-belanghebbende.
**3..** In de mededeling van ontvangst wijst het college de aanvrager erop dat voor het behandelen van de aanvraag een recht van €300,- verschuldigd is en deelt hem mede dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de dag van verzending van de mededeling op de rekening van de gemeente dan wel op een aangegeven plaats moet zijn gestort.
**4..** Indien op de aanvraag geheel of gedeeltelijk positief wordt beslist, stort het college het betaalde recht terug.
Artikel 2
Indiening van de aanvraag en mededeling van ontvangst
Onderdeel van Procedureregeling planschadevergoeding 2005