1 Het is verboden toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben op een zodanige wijze dat voor een omwonende of overigens voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt.
2 Burgemeester en wethouders kunnen van het in het eerste lid bepaalde ontheffing verlenen.
3 Het in het eerste lid bepaalde geldt niet, voor zover artikel 2.4.13, de op de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften, de Wegenverkeerswet 1994, de Zondagswet, het Wetboek van Strafrecht, de Luchtvaartwet, het Reglement Verkeerstekens en verkeersregels 1990 of het Vuurwerkbesluit Wet milieugevaarlijke stoffen van toepassing zijn.
HOOFDSTUK 4 › Afdeling 1
Artikel 4.1.5
Overige geluidshinder
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Ridderkerk 2001