**1.** Het is verboden op of aan de weg of aan een openbaar water dan wel op een andere – al dan niet met enige beperking - voor publiek toegankelijke en in de openlucht gelegen plaats een woonwagen te stallen, te bewonen of anderszins te gebruiken.
**2.** Burgemeester en wethouders kunnen wegen of gedeelten daarvan aanwijzen waar het in het eerste lid gestelde verbod niet geldt en bepalen voor welk aantal dagen en aantal woonwagens het verbod op de aangewezen locatie(s) niet geldt.
**3.** Burgemeester en wethouders kunnen aan het verblijf nadere voorschriften verbinden.
HOOFDSTUK 5 › Afdeling 1a
Artikel 5.1a.2
Woonwagens
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Ridderkerk 2001