1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (WWB) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
In deze verordening wordt verstaan onder:
norminkomen:
het inkomen dat op jaarbasis niet meer bedraagt dan 115% van de voor aanvrager geldende bijstandsnorm, als bedoeld in artikel 5 onder c van de Wet werk en bijstand op jaarbasis. Bij de vaststelling van zowel het jaarinkomen als de bijstandsnorm op jaarbasis wordt uitgegaan van inkomen en de van toepassing zijnde bijstandsnorm op het moment van de aanvraag.
vermogen:
het vermogen, zoals bedoeld in de Wet werk en bijstand, met als peildatum het moment van de aanvraag.