Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 4

Het besluit tot het opleggen van een maatregel

Onderdeel van Maatregelenverordening in het kader van de Wet investeren in jongeren 2010

1.. In het besluit tot het opleggen van een maatregel wordt in ieder geval vermeld de reden van de maatregel, de duur van de maatregel, het bedrag waarmee de inkomensvoorziening wordt verlaagd en, indien van toepassing, de reden om af te wijken van een op grond van in deze verordening genormeerde maatregel. 2.. Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de misdragingen die leiden tot het besluit het werkleeraanbod in te trekken in plaats van het besluit een maatregel op te leggen. 3.. Voordat een maatregel wordt opgelegd, wordt de jongere in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen. 4.. Het horen van de jongere kan achterwege worden gelaten indien: de vereiste spoed zich daartegen verzet; de jongere al eerder in de gelegenheid is gesteld zijn mening te geven en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan; de jongere niet heeft voldaan aan een verzoek van het college of van een derde aan wie het college met toepassing van artikel 11, vierde lid van de wet werkzaamheden in het kader van de wet heeft uitbesteed, om binnen een gestelde termijn inlichtingen te verstrekken als bedoeld in artikel 44 van de wet of het college het horen niet nodig acht voor het vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van verwijtbaarheid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel