**1..** Met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 19, 20 en 21 van de wet kan het college aan de eigenaar van een ter beschikking gekomen woonruimte die behoort tot in de artikel 19, lid 1 aangewezen categorieën een voordracht tot verhuring van de woonruimte aan een door het college aangegeven woningzoekende doen.
**2..** Voor plaatsing op de in lid 1 bedoelde voordracht komen in aanmerking woningzoekenden die beschikken over een urgentieverklaring als bedoeld in artikelen 14, 15 en 16.
**3..** Binnen twee weken nadat de eigenaar het ter beschikking komen van de woonruimte heeft gemeld of anderszins is gebleken dat de woonruimte ter beschikking is gekomen, zendt het college een voordracht van ten hoogste drie woningzoekenden, of berichten zij aan de eigenaar dat geen voordracht zal worden gedaan. Van de voordracht worden desbetreffende woningzoekenden door het college schriftelijk in kennis gesteld.
**4..** Binnen twee weken na ontvangst van de voordracht dient de eigenaar de woningzoekende te benaderen en het college schriftelijk te berichten of met de voorgedragen woningzoekende een huurovereenkomst afgesloten zal worden. Als de eigenaar de voorgedragen woningzoekende weigert, dient hij de reden daarvan aan het college te melden.
Het college stelt de voorgedragen woningzoekende hiervan in kennis en geeft daarbij aan wat het vervolg van de procedure zal zijn. Als de voorgedragen woningzoekende de woonruimte weigert, dient hij de reden daarvan schriftelijk aan het college te melden.
**5..** Als de voorgedragen woningzoekende de woonruimte weigert, of de eigenaar de voorgedragen woningzoekende om, naar het oordeel van het college gegronde redenen weigert, kan een tweede voordracht worden gedaan binnen twee weken nadat het college van de weigering in kennis is gesteld.
**6..** Een voorgedragen woningzoekende wordt geacht geweigerd te hebben, als hij niet binnen twee weken nadat hij van de voordracht in kennis is gesteld aan de eigenaar of aan het college heeft laten weten dat hij de aangeboden woonruimte accepteert.
**7..** Het bepaalde in lid 4 blijft buiten toepassing als:
het college heeft bericht dat geen voordracht zal worden gedaan;
zij niet binnen de termijn van twee weken een voordracht hebben gedaan;
alle door hen voorgedragen woningzoekenden de aangeboden woonruimte hebben geweigerd.
**8..** Als de eigenaar niet binnen de gestelde termijn een bericht als bedoeld in lid 3 heeft gezonden of als hij de voorgedragen woningzoekende naar het oordeel van het college zonder gegronde redenen weigert, kan het college overeenkomstig hoofdstuk 4 van de wet tot vordering van de woonruimte overgaan.