Het opslaggeld wordt geheven van degene die beroepsmatig de laad- en losplaats gebruikt;
Het kadegeld wordt geheven van de schipper, de gezagvoerder, de eigenaar, de reder, de vertegenwoordiger, de beheerder of de gebruiker van het vaartuig, waarvoor gebruik gemaakt wordt van de laad- of losplaats;
De rechten van artikel 2, derde lid worden geheven van degene die beroepsmatig de laad- en losplaats gebruikt.