In deze verordening wordt verstaan onder:
a. de wet: de Wet werk en bijstand;
b. algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet;
c. bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet;
d. bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
e. bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet;
f. langdurigheidstoeslag: de toeslag bedoeld in artikel 36 van de wet;
g. verlaging: het verlagen van de bijstand of de langdurigheidstoeslag op grond van artikel
18, tweede lid, van de wet;
h. voorziening: voorzieningen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de wet:
een instrument binnen een traject dat ingezet wordt om belemmeringen bij aanvaarding
van algemeen geaccepteerde arbeid weg te nemen;
i. traject: een met de belanghebbende overeengekomen, dan wel door het college aan hem
opgelegd, geheel van activiteiten gericht op het verkrijgen en behouden van betaalde
arbeid;
j. plan van aanpak: een met een meerderjarige persoon jonger dan 27 jaar overeengekomen uitgewerkte ondersteuning richting arbeid (bedoeld in artikel 44a van de wet);
k. belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken;
l. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
m. college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zuidplas.