Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende
worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of
levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de
derde graad. Overschrijving op aanvraag van de rechthebbende ten
name van een ander dan vorengenoemde personen is slechts
mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden
overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan
wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de
aanvraag wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de
rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan
vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor
gewichtige redenen bestaan.
Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot
overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in
het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college
bevoegd het recht op het graf te doen vervallen.
Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van
een jaar kan het college het eigen graf alsnog op naam stellen
van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft
op een graf dat inmiddels is geruimd.
In afwijking van het bepaalde in de leden 1 en 2 kan, indien het
recht op een graf is verleend aan een rechtspersoon, het recht
worden overgeschreven op naam van de rechtsopvolger dan wel ten
name van een persoon ten behoeve van wie het recht is gevestigd
of diens echtgenoot of levenspartner of bloed- of aanverwant tot
en met de derde graad.
Voor aanvang van de in het tweede lid genoemde termijn geldt alsdan de
datum van opheffing of overname van de rechtspersoon.
Hoofdstuk
Artikel 14
Overschrijving van verleende rechten
Onderdeel van Beheersverordening begraafplaatsen