Indien het college het nodig oordeelt dat borden met een wijk- of
buurtaanduiding, borden met namen van de openbare ruimte, naamverwijsborden,
nummerborden, nummerverzamelborden en andere (verwijs)aanduidingen aan een
bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere soort terreinafscheiding
worden aangebracht, draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier bedoelde
borden vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van het college
worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
Indien het college het noodzakelijk acht om een naambord, waarop de vervallen
naam is doorgehaald, tijdelijk naast het naambord met de nieuwe naam te handhaven
zal de rechthebbende dit toelaten als daaraan door het college een termijn van
niet langer dan een jaar is verbonden.
De rechthebbende zorgt er voor dat de in het eerste en tweede lid bedoelde
borden vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.
HOOFDSTUK 3
Artikel 5
Gedoogplicht naamborden
Onderdeel van Verordening naamgeving en nummering (adressen) Opsterland 2010