Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling 2a › Paragraaf 5

Artikel 2.3.5.5

Weigeringsgronden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (Apv) (versie 11)

1.De burgemeester weigert een vergunning als bedoeld in artikel 2.3.5.2, eerste lid, indien: de vestiging of exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met een ter plaatse geldend bestemmingsplan, stadsvernieuwingsplan of leefmilieuverordening; de exploitant of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 2.3.5.4 gestelde eisen. 2.. De burgemeester kan een vergunning als bedoeld in artikel 2.3.5.2, eerste lid, weigeren indien naar zijn oordeel: a.. moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de speelgelegenheid en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de speelgelegenheid; b.. een eerdere vergunning voor de exploitatie van de speelgelegenheid is ingetrokken of de speelgelegenheid met toepassing van deze verordening dan wel van artikel 13b van de Opiumwet is gesloten; c.. de in te dienen bescheiden als bedoeld in artikel 2.3.5.3, tweede lid, onvoldoende garanties geven dat het in de Wet op de kansspelen bepaalde niet zal worden overtreden; d.. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel