De burgemeester kan degene die, hetzij alleen, hetzij in groepsverband, de openbare orde ernstig verstoort door hetplegen vanstrafbare feiten, of anderszins personen lastig valt of schade toebrengt uit het oogpunt van openbare orde het bevel geven zich te verwijderen en zich verwijderd te houden van of uit een door de burgemeester bij bevel gegeven plaats of gebied gedurende de tijd bij het bevel genoemd.
Het is verboden zich in het gebied te bevinden in strijd met een krachtens het eerste lid
gegeven bevel.
3.Het in het eerste lid bedoelde bevel geldt niet voor zover de persoon tot wie het bevel is
gericht:
in het gebied blijkens opgave in het persoonsregister van de gemeente woonachtig is, of
aannemelijk maakt dat hij op de plaats of in het gebied werkzaam is, of
anderszins aannemelijk maakt dat hij een zwaarwegend belang heeft zich in dat gebied op te houden.
De burgemeester bepaalt de plaats of het gebied waarvoor een gebiedsontzegging bij bevel
opgelegd kan worden.
Hoofdstuk › Paragraaf 4
Artikel 2.4.10a
Gebiedsontzegging
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (Apv) (versie 11)