**1..** De burgemeester weigert de vergunning indien
het in artikel 2.3.6.3 bedoelde maximum aantal inrichtingen is bereikt;
de exploitatie van de inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan of stadsvernieuwingsplan;
niet voldaan wordt aan de in artikel 2.3.6.4 gestelde eisen.
**2..** De burgemeester kan de vergunning weigeren indien naar zijn oordeel door de aanwezigheid van de inrichting de openbare orde wordt aangetast of het woon- of leefklimaat in de omgeving van de inrichting nadelig wordt beïnvloed.
**3..** Bij de toepassing van de in het vorige lid genoemde weigeringsgrond houdt de burgemeester rekening met:
a. het karakter van de straat en van de wijk waarin de inrichting is gelegen of zal komen te liggen;
b. de aard van de inrichting;
c. de spanning waaraan het woonmilieu ter plaatse al blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie van de inrichting;
d. de concentratie van inrichtingen in een bepaald gebied;
e. de wijze van bedrijfsvoering van een leidinggevende van de inrichting f. in deze of in andere inrichtingen;
de wijze van exploitatie van de inrichting in het verleden.
Hoofdstuk › Afdeling 2a › Paragraaf 6 Toezicht op grow-, smart- en headshops
Artikel 2.3.6.5
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (Apv) (versie 14)