Aan de in artikel 36 eerste lid van de wet gestelde voorwaarde van het hebben van een langdurig, laag inkomen is voldaan als gedurende de referteperiode het gemiddelde inkomen per maand niet uitkomt boven 110% van de bijstandsnorm.
Indien een belanghebbende in de referteperiode een periode wordt uitgesloten van het recht op bijstand wordt de referteperiode met eenzelfde periode verlengd. Bij het berekenen van het gemiddeld inkomen wordt de periode van uitsluiting vervolgens buiten beschouwing gelaten.
Hoofdstuk
Artikel 2
Langdurig laag inkomen
Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand Opsterland 2009