lid 1.
Het lidmaatschap eindigt, buiten het geval van afloop van de zittingsperiode van de Programmaraad, bovendien:
op eigen verzoek;
in het geval niet meer voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 7;
in het geval als bedoeld in artikel 8 lid 3.
lid 2.
Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen en met redenen omkleed een lid schorsen.
lid 3.
Nadat burgemeester en wethouders de geschorste in de gelegenheid hebben gesteld zich ten overstaan van het college mondeling te verdedigen, kunnen burgemeester en wethouders aan de raad voorstellen het lidmaatschap van de betreffende persoon te doen beëindigen. Indien burgemeester en wethouders daartoe geen aanleiding vinden, heffen zij de schorsing op. De beslissing wordt terstond bij aangetekend schrijven aan de belanghebbende en aan de Programmaraad meegedeeld.
Hoofdstuk
Artikel 8.
Artikel 8.
Onderdeel van Verordening Programmaraad Kabeltelevisie en -radio Schiedam