Voor een tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van kinderopvang komen -naast de in artikel 22 van de wet genoemde personen- in aanmerking:
ouders met lichamelijke, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperkingen waarvan één of meer van deze beperkingen kinderopvang noodzakelijk maken,
of
kinderen voor wie kinderopvang noodzakelijk is in het belang van een goede en gezonde ontwikkeling van die kinderen.