Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 9.

De hoogte en duur van de maatregel

Onderdeel van Verordening maatregelen Wet Werk en Bijstand 2005

Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de maatregel vastgesteld op: vijf procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie; b. vijfentwintig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie; honderd procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie. Indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie wordt: de hoogte van de maatregel als bedoeld in het eerste lid sub a verhoogd met vijf procent, de hoogte van de maatregel in het eerste lid sub b verhoogd met vijfentwintig procent, de duur van de maatregel als bedoeld in het eerste lid sub c verdubbeld. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid. 3. Indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit genomen op grond van artikel 9 lid 2 (recidive) opnieuw schuldig maakt aan maatregelwaardig gedrag van dezelfde of hogere categorie wordt een maatregel opgelegd, welke hoger is dan de maatregel die op grond van artikel 9 lid 2 is opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel