Aan het einde van elk boekjaar worden alle openstaande vorderingen (met
name betreffende onroerende zaakbelasting gebruikers, onroerende
zaakbelasting eigenaren, precariobelasting, rioolrechten en
reinigingsrechten) geanalyseerd en beoordeeld op inbaarheid. Oninbare
vorderingen worden vervolgens afgeboekt.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf
Artikel 12