Artikel 12 lid 2 regelt de afstemming van bijzondere bijstand in die gevallen waarin de belanghebbende geen aanspraak meer kan maken op een voorliggende voorziening, maar hier wel aanspraak op had kunnen maken indien de belanghebbende bijvoorbeeld tijdig de huur- of zorgtoeslag had aangevraagd of tijdig een ziektekostenverzekering had afgesloten. Omdat er geen voorliggende voorziening meer is, kan de aanvraag niet op die grond worden afgewezen, maar dient een verlaging te worden toegepast van 100%.
Artikel 12
tweede lid Gedragingen met betrekking tot incidentele bijzondere bijstand
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet Werk en Bijstand