**1..** Vaststelling van de geldelijke steun vindt plaats nadat:
de in de aanvraag opgenomen werkzaamheden schriftelijk bij het college van burgemeester en wethouders zijn gereedgemeld;
de onder a bedoelde werkzaamheden door het college van burgemeester en wethouders zijn gecontroleerd en akkoord bevonden;
de bij de gereedmelding behorende gegevens en bescheiden als genoemd in het vierde lid, zijn overgelegd en door het college van burgemeester en wethouders is gecontroleerd en akkoord bevonden;
een overzicht is overgelegd van de getroffen gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde voorzieningen en de daarop betrekking hebbende kosten.
**2..** De hoogte van de vast te stellen geldelijke steun wordt berekend op basis van de bij de verlening aanvaarde kosten van de voorzieningen, of de werkelijke kosten van de voorzieningen als deze lager zijn.
**3..** Het college van burgemeester en wethouders stelt de geldelijke steun vast met inachtneming van eventueel minderwerk en de eventueel op basis van artikel 3.10, vierde lid mee te rekenen kosten van meerwerk.
**4..** De gereedmelding als bedoeld in het eerste lid bevat:
een volledig ingevuld gereedmeldingsformulier;
een kostenoverzicht;
alle rekeningen en betalingsbewijzen met betrekking tot de werkzaamheden.
**5..** Het college van burgemeester en wethouders kan er mee instemmen dat de aanvrager in plaats van rekeningen en betalingsbewijzen een verklaring van een registeraccountant overlegt waaruit blijkt, dat het overgelegde kostenoverzicht juist en volledig is.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 3.11
Gereedmelding en vaststelling geldelijke steun
Onderdeel van Gemeentelijke subsidieverordening stadsvernieuwing