De inkomensgrens als bedoeld in artikel 27, lid 2, van de Verordening, bedraagt per jaar:
1.
voor alleenstaanden jonger dan 65 jaar
€ 16.435,08
2.
voor alleenstaanden die 65 jaar of ouder zijn
€ 18.065,88
3.
voor alleenstaande ouders jonger dan 65 jaar
€ 21.130,74
4.
voor alleenstaande ouders die 65 jaar of ouder zijn
€ 22.696,92
5.
voor gehuwden, beiden jonger dan 65 jaar
€ 23.478,66
6.
voor gehuwden, waarvan een van de partners 65 jaar of ouder is
€ 24.833,88
7.
voor gehuwden, beiden 65 jaar of ouder
€ 24.833,88
8.
voor gehuwden in een inrichting
€ 9.589,68
9.
voor alleenstaande in een inrichting
€ 6.020,10
10.
voor een alleenstaande ouder in een inrichting
€ 6.020,10
Hoofdstuk
Artikel 5.4.
Inkomensgrens vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Besluit nadere regels Wet Maatschappelijke Ondersteuning Venlo (2010)