Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Verordening vertegenwoordiging van gemeente in besturen

1.. Voor zover niet anders bepaald wordt een vertegenwoordiger benoemd voor een periode welke overeenkomt met de zittingsperiode van de gemeenteraad. Hij die tussentijds ophoudt raadslid te zijn, verliest daarmee ook zijn hoedanigheid als vertegenwoordiger. Voor ambtenaren geldt bovendien dat wanneer hun dienstverband eindigt daarmee ook hun bestuurslidmaatschap eindigt. 2.. De vertegenwoordiger die een buiten de periodieke aftreding opengevallen plaats vervult, treedt af op het tijdstip, waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, zou moeten aftreden.

Rechtspraak bij dit artikel