Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › AFDELING 7.

Artikel 2:25

Evenement

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Doetinchem 2009

1.. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor eendaagse evenementen, indien: er minder dan 200 bezoekers dan wel deelnemers worden verwacht; er geen afzetting van de openbare weg nodig is; er geen omleiding moet worden geplaatst; er geen gebruik wordt gemaakt van een gebruiksvergunningplichtig tijdelijk bouwwerk zoals een tent of overkapping; er geen detailhandel wordt gedreven; er geen (licht-)alcoholische drank wordt verkocht; er geen gebruik wordt gemaakt van andere brandstoffen dan steen/houtskool, propaan/butaangas voor het bereiden van voedsel; het evenement niet wordt aangekondigd door middel van reclameborden of andere reclame-uitingen zoals flyers; er geen schietwedstrijd wordt georganiseerd, waarbij o.a. vuurwapens, bogen et cetera gebruikt worden; er met vergunning of ontbrandingstoestemming vuurwerk wordt ontstoken; er - met uitzondering van de jaarwisseling - geen carbid wordt geschoten; er geen kansspel wordt gehouden zoals een loterij of bingo; er geen livemuziek, waaronder drums of elektronisch versterkt geluid, ten gehore wordt gebracht. 3.. De burgemeester stelt nadere algemene voorschriften ten behoeve van evenementen die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid zijn vrijgesteld van een evenementen-vergunning als bedoeld in het eerste lid. 4.. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het geregeld onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148 van de Wegen-verkeerswet 1994. 5.. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:2, eerste lid kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een vergunning voor een groot of middelgroot evenement niet te behandelen, indien deze aanvraag wordt ingediend minder dan twaalf weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft. 6.. De burgemeester kan voorts besluiten aanvragen niet te behandelen, indien grote en middelgrote evenementen en collectieve festiviteiten als bedoeld in artikel 4:2 niet tijdig zijn aangemeld ten behoeve van de evenementenkalender. Het college bepaalt in het jaar voor-afgaand aan het nieuwe evenementenkalenderjaar voor welke datum de aanmeldingen dienen te zijn ingediend bij het college.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel