Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Kosten van exploitatie

Onderdeel van Exploitatieverordening gemeente Doetinchem 2006

Voor de berekening van kosten en de vaststelling van exploitatiebijdragen, wordt onder kosten van in exploitatie brengen begrepen: De inbrengwaarde van de binnen het exploitatiegebied door de gemeente in te brengen gronden, bestaande uit: de waarde van de grond; de waarde van de opstallen die voor de verwezenlijking van de bestemming niet gehandhaafd kunnen worden; de kosten van het vrijmaken van de gronden van opstallen; de kosten van verwijdering van zich in de grond bevindende funderingen, leidingen, kabels e.d., alsmede de kosten van bos- en natuurcompensatie; de kosten van planschade en overige schadevergoedingen en schadeloosstellingen en van het teniet doen gaan van persoonlijke en zakelijke rechten en lasten. De waarden bedoeld in sub 1 en 2 worden vastgesteld op basis van marktwaardeberekening, doch niet lager dan het totaal van de gemeentelijke kosten van verwerving, beheer inclusief renteverliezen ter zake van die gronden en opstallen. De inbrengwaarde van de binnen het exploitatiegebied gelegen gronden van derden, voorzover die inbrengwaarde ten behoeve van een redelijke en evenredige toerekening van kosten in de exploitatieopzet wordt betrokken. De kosten van aanleg of uitvoering door de gemeente van de onder artikel 1, lid b omschreven voorzieningen van openbaar nut binnen het exploitatiegebied. De kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut buiten het exploitatiegebied inclusief de verwervingskosten voor de ondergrond, voorzover de binnen het exploitatie-gebied liggende onroerende zaken door deze voorzieningen direct, danwel indirect gebaat zijn, waaronder voorzieningen zoals bedoeld in artikel 1, lid b. Alle geldelijke gevolgen voor de gemeente van overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden, in ieder geval: de kosten van planontwikkeling, planvoorbereiding, planbeheer en plantoezicht; onder deze kosten worden ten minste verstaan: de in- en externe kosten verband houdende met het opstellen of vervaardigen van structuurplannen, bestemmingsplannen, planmatige uitwerkingen of wijzigingen, besluiten tot het verlenen van vrijstelling van een bestemmingsplan alsmede van overige planologische maatregelen voorzover deze nodig zijn voor het in exploitatie brengen, alsmede toe te kennen planschadevergoedingen ex artikel 49 van de WRO; de in- en externe kosten verband houdende met onderzoeken, voorbereidingen en toezicht ten behoeve van de voorzieningen van openbaar nut voorzover deze verband houden met in exploitatie brengen van gronden binnen het exploitatiegebied; de in- en externe kosten ter zake van het sluiten van exploitatieovereenkomsten, alsmede de overige kosten van het gemeentelijk apparaat, voorzover die rechtstreeks aan het in exploitatie brengen van gronden kunnen worden toegerekend; de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten; de kosten van tijdelijk beheer van de ondergrond van openbare voorzieningen, zijnde de beheerkosten die ten gevolge van verwervingsbeleid worden gemaakt en niet, danwel niet geheel door middel van huur- of pachtopbrengsten worden gedekt; bijdragen aan fondsen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, lid d; overige kosten die in beginsel ten laste van de exploitatie behoren te worden gebracht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel