**1..** Het onderzoek van de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde leden geschiedt door een commissie van drie leden door en uit de raad te benoemen. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de overige daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde leden en de processen-verbaal van de stembureaus.
**2..** De commissie brengt na gedaan onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de vergadering en doet daarbij een voorstel tot het nemen van een besluit. In het besluit wordt ook melding gemaakt van een eventueel minderheidsstandpunt.
**3..** De voorzitter roept een toegelaten lid op om in de eerste vergadering waarin hij zijn betrekking volgens de Gemeentewet kan aanvaarden, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
**4..** In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring of belofte af te leggen.
HOOFDSTUK II
Artikel 4
Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging
Onderdeel van Reglement van orde voor de raadsvergaderingen