**1..** De voorzitter van de kamer van de commissie bepaalt plaats, datum en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de kamer van de commissie te doen horen.
**2..** De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de wet.
**3..** Indien de voorzitter op grond van de in het tweede lid genoemde artikelen besluit van het horen af te zien doet hij daarvan mededeling aan:
de belanghebbenden en;
het verwerend orgaan.
**4..** De voorzitter van de kamer van de commissie draagt er ter zitting zorg voor:
dat door of namens het verwerend orgaan een mondelinge toelichting wordt gegeven op het bestreden besluit en het beleid in het kader waarvan dat besluit tot stand is gekomen;
dat belanghebbenden worden gehoord en met hen een gedachtewisseling plaatsvindt;
dat, voorzover mogelijk, naar een oplossing voor de gerezen problemen wordt gezocht, ook buiten de weg van het gegrond verklaren van het bezwaarschrift.
Artikel 12
Hoorzitting
Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften gemeente Doetinchem 2005