Een spreker wordt in zijn betoog niet gestoord,
tenzij:a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
opvolgen van deze verordening te herinneren;b. een lid
hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
afronden.
Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke
uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het in behandeling
zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort,
wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen.
Indien de betreffende spreker hieraan geen gevolg geeft,
kan de voorzitter hem gedurende de vergadering waarin
zulks plaats heeft over het aanhangige onderwerp het
woord ontzeggen.
De voorzitter kan ter handhaving van de orde de
vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen
en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt
verstoord - de vergadering sluiten.
De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een
lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van
zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering
te ontzeggen.
Over het voorstel wordt zonder beraadslaging besloten.
Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering
onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem
verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid
bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
de vergadering worden ontzegd.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2
Artikel 22
Handhaving orde; schorsing
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Eersel 2011