Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.2

Artikel 2.2

Onderdeel van Subsidieverordening monumenten 2010 gemeente Ermelo

De subsidie wordt niet verleend indien: de aanvraag kosten betreffen die niet subsidiabel zijn op grond van deze verordening; de subsidiabele kosten minder bedragen dan € 750,- inclusief belastingen; de te subsidiëren werkzaamheden op grond van de verzekeringsovereenkomst gedekt zijn; op grond van de Wet op de omzetbelasting de verschuldigde belasting in aftrek kan worden gebracht; de subsidiabele kosten op grond van zelfwerkzaamheid ingeval van restauratie worden gedeclareerd; de aanvraag subsidie schriftelijk bij het college ingediend wordt na 1april van het jaar waarin de werkzaamheden uitgevoerd zullen worden, tenzij blijkt dat er nog budget beschikbaar is dan geldt een uiterste indiendatum van 1 september; de kosten van de voorzieningen niet geacht kunnen worden te staan in redelijke verhouding tot het te verkrijgen resultaat of het pand na het treffen van de voorzieningen uit het oogpunt van de monumentenzorg volgens het college niet aan redelijke eisen voldoet of de karakteristiek van het gemeentelijke monument wordt aangetast; met de werkzaamheden is begonnen voordat de monumentensubsidie is verleend, tenzij toestemming is gegeven door het college ingeval van een bouwkundige noodzaak, zulks ter beoordeling van het college; de aanvrager op grond van een andere regeling een bijdrage is verleend, verleend kan krijgen of had kunnen krijgen; het pand waaraan de voorzieningen worden getroffen bestemd is om binnen een periode van tien jaar te worden afgebroken; de aanvraag onjuist is en/of onvolledige gegevens bevat, zulks ter beoordeling van het college; voor hetzelfde onderdeel van het monument waarvoor subsidie is vastgesteld binnen relatief korte termijn een nieuwe aanvraag monumentensubsidie wordt ingediend welke te wijten is aan het onvoldoende of geen gevolg geven aan het in redelijke staat van onderhoud houden van het gemeentelijke monument of te wijten is aan slecht vakmanschap, zulks ter beoordeling van het college; of de aanvrager niet in het bezit is van een onherroepelijke omgevingsvergunning voor het onderdeel bouw en/of monument.

Rechtspraak bij dit artikel