Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 27.

Vergunning tot wijziging van een beschermd stads- of dorps gezichten

Onderdeel van Erfgoedverordening

1.. Het is verboden bouwwerken die zijn gelegen in een beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht te beschadigen of te vernielen. 2.. Het is verboden in een beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht zonder schriftelijke vergunning van het college of in strijd met de bij zodanige vergunning gestelde voor schriften: bouwwerken te verstoren, te plaatsen, op te richten, af te breken, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen; bouwwerken te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het stads- of dorpsgezicht wordt ontsierd of in gevaar gebracht; 3.. Het is verboden in een beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht zonder de Commissie Cultuurhistorie te horen onroerende zaken, geen bouwwerk zijnde, hieronder begrepen straten. wegen. pleinen, wateren, bomen of erfafscheidingen - niet zijnde een bouwwerk - te wijzigen. 4.. Op het verlenen van een vergunning als bedoeld in het tweede lid zijn, totdat een beschermend bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, de artikelen 11 tot en met 14 van overeenkomstige toepassing. 5.. Geen sloopvergunning is vereist voor het afbreken ingevolge een aanschrijving van het college

Rechtspraak bij dit artikel