Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden zonder of in afwijking van een ontheffing van burgemeester en wethouders een bestaand gebouw –al dan niet door bouw of verbouw- om te zetten in zelfstandige of onzelfstandige woonruimte. 2.. Burgemeester en wethouders verlenen de ontheffing alleen als dit niet leidt tot een achteruitgang van de woon- en werkomstandigheden in het werkingsgebied van deze verordening. 3.. Aangenomen wordt dat sprake is van de in lid 2 bedoelde achteruitgang als het pand waarop de aanvraag betrekking heeft ligt in een postcodegroep waarin reeds één of meer omgezette panden aanwezig zijn. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen bij het beoordelen van een aanvraag om ontheffing gemotiveerd afwijken van de in lid 3 geformuleerde aanname. 5.. Burgemeester en wethouders kunnen ter bescherming van de woon- en werkomstandigheden in het werkingsgebied van de verordening voorwaarden verbinden aan een ontheffing.

Rechtspraak bij dit artikel