In deze verordening wordt verstaan onder:
Wet
de Wet op de Kansspelen;
speelautomaat
een automaat als bedoeld in artikel 30 onder a van de Wet;
kansspelautomaat
een speelautomaat als bedoeld in artikel 30 onder c van de Wet;
behendigheidsautomaat
een speelautomaat als bedoeld in artikel 30 onder b van de Wet
hoogdrempelige inrichting
een inrichting als bedoeld in artikel 30 onder d van de Wet;
laagdrempelige inrichting
een inrichting als bedoeld in artikel 30 onder e van de Wet;
speelautomatenhal
een inrichting als bedoeld in artikel 30 c lid 1 sub c van de Wet;
ondernemer
de natuurlijke of rechtspersoon die een speelautomatenhal of een hoog- of laagdrempelige inrichting exploiteert;
beheerder
degene die met het dagelijkse toezicht en de onmiddellijke leiding in een speelautomatenhal is belast.
recreatie-inrichting
een horeca-inrichting behorende tot een kampeerterrein of verblijfsrecreatieterrein als bedoeld in het bestemmingsplan verblijfsrecreatieterreinen Winterswijk, vastgesteld bij raadsbesluit van 29 januari 1998, nr. I-5