Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Grondslag en werkingssfeer

Onderdeel van Subsidieverordening restauratie gemeentelijke monumenten in Hilversum 2009

1.. Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verlenen in de kosten van restauratie van gemeentelijke monumenten. 2.. De subsidie wordt berekend over de subsidiabele kosten en kan geen betrekking hebben op kosten waarvoor op grond van enige andere gemeentelijke regeling subsidie in de kosten van de voorzieningen kan worden verkregen. 3.. In geval van brandschade worden de uit te keren verzekeringspenningen in mindering gebracht op de subsidiabele kosten. 4.. De subsidie kan uitsluitend worden toegekend aan de natuurlijke of rechtspersoon die krachtens enig zakelijk recht het genot heeft van het monument waaraan de voorzieningen worden getroffen. 5.. Om voor subsidie in aanmerking te komen dienen de subsidiabele kosten minimaal € 15.000,-- te bedragen. Dit minimum geldt niet voor: a. bouwhistorisch onderzoek, waaronder kleuronderzoek en constructief onderzoek; b. schilderwerk, waarbij op basis van het kleurenonderzoek, de eerste historische afwerking weer wordt bewerkstelligd (het daarop volgende onderhoud uitsluitend); c. constructieve ingrepen, die direct de instandhouding van het object bewerkstelligen (urgentie moet aantoonbaar zijn, bv instortingsgevaar, ernstige lekkage, ernstig brandgevaar); d. het reconstrueren van ornamenten, die aantoonbaar historisch aanwezig zijn geweest; e. een abonnement van de Monumentenwacht: deze kan voor de duur van 4 jaar voor 30% gesubsidieerd worden. 6.. Het subsidiepercentage bedraagt 30 % van de subsidiabele kosten. 7.. De subsidie bedraagt maximaal: a. voor woonhuizen en winkelwoonhuizen maximum € 25.000,-- en b. voor overige gebouwtypen € 50.000,--. 9.. Zelfwerkzaamheid is in het kader van restauratie niet subsidiabel.

Rechtspraak bij dit artikel