Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof
tot
gegraven of de bezorging van as is overlegd aan de beheerder.
Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal
plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te
worden
overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is
overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.
Begraving of bij zetting in een eigen graf waarvan de
uitgiftetermijn
binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen
plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn
met
een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten
minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De
verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of,
indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd
in artikel 18, tweede lid.
De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar
boven toe afgerond op gehele jaren.
De beheerder onderzoekt de genoegdzaamheid van de overgelegde
stukken.
HOOFDSTUK 3
Artikel 10
Over te leggen stukken
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen in de gemeente Heumen 1992