De commissie, alsmede de vertegenwoordiging van de organisaties, is
bevoegd aangaande de in artikel 5 bedoelde onderwerpen voorstellen
te doen aan burgemeester en wethouders.
Heeft een voorstel betrekking op onderwerpen, behorende tot de
bevoegdheid van burgemeester en wethouders, dan nemen deze
daaromtrent een beslissing. Behoren zij tot de bevoegdheid van de
raad, dan brengen burgemeester en wethouders het voorstel, voorzien
van hun advies, in elk geval ter kennis van de raad, indien uit het
voorstel de een stemmige wens der vertegenwoordiging van de
organisatie daartoe blijkt.
De besluiten, welke naar aanleiding van voorstellen van de commissie
worden genomen, worden aan de vertegenwoordiging van de organisatie
en aan de hoofdbesturen van de vertegenwoordigde organisaties
medegedeeld.