Naar hoofdinhoud

Afdeling 1 › Afdeling 1 › Paragraaf 5

Artikel 2.1.5.2

Omgevingsvergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Katwijk

1.. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2.. De vergunning wordt verleend Als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, indien de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening of voor bereidingsbesluit; Door het college in de overige gevallen. 3.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan wat artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder verstaat, alsmede alle niet-openbare ontsluitingswegen van gebouwen. 4.. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op het Rijk, de provincie, de gemeente of het waterschap bij het uitvoeren van zijn/haar publiekrechtelijke taak of op door het college nader aangegeven bedrijven. 5.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt voorts niet voor zover het Wetboek van Strafrecht, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur, de Wegenverordening Zuid-Holland, de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde Telecommunicatieverordening van toepassing is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel