Naar hoofdinhoud
1.. De belasting wordt geheven van degene, die krachtens enig zakelijk recht het genot heeft van een in artikel 1 bedoeld onroerend goed. 2.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende krachtens zakelijk recht aangemerkt degene die op 1 januari 1988 of, indien artikel 7, eerste lid, toepassing heeft gevonden op 1 januari van het belastingjaar, als zodanig bij het kadaster bekend staat, tenzij blijkt dat op dat tijdstip een ander de genothebbende krachtens zakelijk recht was.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel