**1..** De burgemeester weigert een vergunning indien:
de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met een bestemmingsplan of leefmilieuverordening in de zin van de Wet op de stads- en dorspvernieuwing;
de vestiging daarvan geschiedt in een woonruimte, waarvoor geen vergunning tot woningonttrekking is verleend als bedoeld in artikel 3o van de Huisvestingswet;
de speelgelegenheid niet in een gebouw is gevestigd;
de exploitant of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 2.39d gestelde eisen.
**2..** De burgemeester kan een vergunning weigeren, indien naar zijn oordeel:
het woon- en leefklimaat in de omgeving van de speelgelegenheid en/of de openbare orde of veiligheid nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de speelgelegenheid;
een eerdere vergunning voor de exploitatie van de speelgelegenheid is ingetrokken of de speelgelegenheid met toepassing van artikel 1:6 of artikel 2.39i van deze verordening, dan wel artikel 13b van de Opiumwet is gesloten;
het bedrijfsplan als bedoeld in artikel 2.39b onvoldoende garanties geeft dat het in deze verordening en de Wet op de kansspelen bepaalde niet zal worden overtreden;
redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;
het op grond van andere feiten en omstandigheden onvoldoende vaststaat dat het bepaalde in deze verordening en de Wet op de kansspelen niet zal worden overtreden.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 10.Toezicht
Artikel 2:39e
Gronden voor weigering van de vergunning
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Zeewolde 2010