Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 9.

Indeling in categorieën

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet Werk en Bijstand 2010

Gedragingen van belanghebbenden waardoor de verplichting op grond van artikel 9 van de wet niet of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: Eerste categorie: het zich niet of niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of het niet of niet tijdig laten verlengen van de registratie; het niet of in onvoldoende mate verstrekken van inlichtingen aan het college die nodig zijn voor het bepalen van een geschikt re-integratietraject en/of geschikte voorzieningen gericht op arbeidsinschakeling en/of sociale activering; het niet of niet naar vermogen gebruikmaken van een door het college aangeboden voorziening gericht op sociale activering of het niet of niet naar vermogen deelnemen aan de verschillende onderdelen van het re-integratietraject gericht op sociale activering; het niet of in onvoldoende mate voldoen aan de specifieke verplichtingen die het college aan een aangeboden voorziening verbindt gericht op sociale activering. Tweede categorie: het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen; het niet of niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de inschakeling in de arbeid, op een aangegeven plaats en tijd te verschijnen; het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 5 van de re-integratieverordening; het zich niet laten inschrijven bij uitzendbureaus. Derde categorie: het niet of niet naar vermogen gebruikmaken van een doorhet collegeaangeboden voorziening gericht op arbeidsinschakeling, of het niet of niet naar vermogen deelnemen aan de verschillende onderdelen van het re-integratietraject, uitgezonderd voorzieningen of trajecten gericht op sociale activering; het niet of in onvoldoende mate voldoen aan de specifieke verplichtingen die het college aan een aangeboden voorziening gericht op arbeidsinschakeling verbindt, uitgezonderd specifieke verplichtingen verbonden aan sociale activering; gedragingen die de inschakeling in de arbeid belemmeren. Vierde categorie: Het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid.

Rechtspraak bij dit artikel