Deze beleidsregels verstaan onder:
blauwe zone: de parkeerschijfzone als bedoeld in artikel 25 van het
Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990 van 26 juli
1990, Stb. 459);
ontheffing: een door of namens burgemeester en wethouders te
verstrekken ontheffing waarmee zonder tijdsduurbeperking bij de
blauwe markering in een blauwe zone mag worden geparkeerd;
ontheffinghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie
een ontheffing is verleend.
bewonersontheffing: ontheffing voor de natuurlijke persoon die als
bewoner staat ingeschreven op een adres binnen een blauwe zone;
bedrijfsontheffing: ontheffing voor de rechtspersoon die
bedrijfsmatige activiteiten ontplooit vanuit een vestiging op een
adres binnen een blauwe zone (hieronder tevens begrepen een bewoner
met kantoor of praktijk aan huis en instellingen zoals scholen,
zorgcentra en dergelijke, waar educatieve, maatschappelijke of
culturele activiteiten plaatsvinden).
bezoekersontheffing: ontheffing voor een natuurlijke persoon of
rechtspersoon van buiten die een bezoek brengt aan een adres binnen
de blauwe zone. Hieronder worden tevens begrepen bedrijven die
(onderhouds-)werkzaamheden e.d. uitvoeren op een adres binnen een
blauwe zone.
motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV
1990;
parkeren: het laten stilstaan van een voertuig, anders dan gedurende
de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt voor het onmiddellijk
laden en lossen van goederen;
voertuighouder: degene die naar de omstandigheden als houder van een
motorvoertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een
motorvoertuig dat is ingeschreven in het krachtens de
Wegenverkeerswet aangehouden register van opgegeven kentekens als
houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het voor het
motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het
register was ingeschreven.
Paragraaf
Artikel 1