openbare plaats: :
openbare plaats: hetgeen in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties daaronder wordt verstaan;
weg: hetgeen in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet daaronder wordt verstaan;
openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn;
bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet;
rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;
bouwwerk: bouwwerk als bedoeld in artikel 1 van de Bouwverordening;
gebouw: gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c, van de Woningwet;
handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen;
bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
landbouwhuisdieren: alle type dieren die in een landbouwbedrijf in de regel worden gehouden voor productie of berijden;
landbouwvoertuigen: een ongekentekend, langzaam voertuig geschikt voor land- of bosbouw.